Welke rol moeten de Brusselse gemeenten spelen?
Moeten er geen overdrachten van bevoegdheden overwogen worden tussen gemeenten en Gewest?
Aanhangers van dergelijke overdrachten voeren aan dat het beleid doeltreffender zou worden en het aanzienlijke besparingen zou opleveren.
Zijn de Brusselse gemeenten dan zulke verspillers?
Een recente analyse van Brussels Studies, door de economisten Magali Verdonck, Michèle Taymans en Nathalie Van Droogenbroeck, die aan de Raad van Bestuur van de Vereniging van de Stad en de Gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (VSGB) voorgelegd werd, onderstreept dat de Brusselse gemeenten niet meer geld uitgeven dan andere grote steden in België, zoals Antwerpen, Gent, Charleroi en Luik.
Uit de studie blijkt dat de Brusselse gemeenten een delicate budgettaire situatie kennen, niet omdat ze te veel spenderen maar omwille van hun onderfinanciering. Met als gevolg dat de Brusselse gemeenten niet even veel middelen als hun homologen kunnen uittrekken voor subsidies aan gezinnen of ondernemingen, maatschappelijke bijstand, cultuur, educatie, sport, ...
De auteurs van de studie zien gemeenten die over het algemeen goed beheerd worden, maar waar de inwoners lijden onder de onderfinanciering van Brussel. Die conclusies sluiten aan bij die van andere universitaire studies die de structurele onderfinanciering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest aan de kaak stelden.
De herfinanciering van Brussel is dus noodzakelijk en een kwestie van billijkheid. Wil dat zeggen dat er geen enkele evolutie mag komen in de verdeling van de bevoegdheden tussen de gemeenten en het Gewest? Neen. Dat wordt de opdracht van de werkgroep die het Gewest opricht om die verdeling onder de loep te nemen en voorstellen uit te werken.
Voor de VSGB moet dat gebeuren volgens het subsidiariteitsbeginsel, dat inhoudt dat een bevoegdheid uitgeoefend moet worden op het niveau dat er het best geschikt voor is, wetende dat als er factoren zijn van schaalvoordeel, er soms ook schaalnadeel bestaat. De gemeenten zijn de nabijheidsoverheid die het best geschikt is om beslissingen te nemen en om toezicht te houden op de uitvoering ervan.
De gemeenten moeten een machtsniveau blijven met ruime en echte bevoegdheden. In het belang van de Brusselaars en de diensten die hun geleverd worden, mag de relatie tussen het gewestelijk en het gemeentelijk niveau niet draaien rond het afsnoepen van elkaars bevoegdheden, maar op het streven naar dialoog en synergie tussen beide.