Vrouwelijke kandidaten in de politiek zijn vaker het slachtoffer van agressie en seksisme, aldus een universitaire studie die half februari gepubliceerd werd door het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. In de studie worden een aantal aanbevelingen geformuleerd.

De studie in kwestie werd gepubliceerd door het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) en uitgevoerd door de UGent en de ULB. In het kader van dit onderzoek werden zo’n 50.000 reacties geanalyseerd op berichten die op verschillende sociale media (X, Facebook en Instagram) geplaatst waren door veertig mannelijke en vrouwelijke kandidaten voor de gewestelijke, federale en Europese verkiezingen van 9 juni 2024. De gemeenteraadsverkiezingen van oktober werden dus niet meegenomen in de analyse, maar we delen toch graag de resultaten van dit onderzoek met u. Voor elke reactie op de sociale media werden de toon, de aanwezigheid van seksisme en de kenmerken ervan onderzocht. Als aanvulling op de analyse werden diepte-interviews afgenomen met vrouwelijke politici en journalisten.

Uit het onderzoek kwamen een aantal bevindingen naar voren. Ten eerste krijgen vrouwelijke kandidaten met tien keer meer agressie te maken op sociale media. De auteurs van negatieve reacties zijn bovendien meestal mannen (68%). Daarnaast krijgen vrouwen vaker seksistische opmerkingen dan mannen. Volgens de vrouwelijke respondenten worden zij ook in het echte leven met dergelijk gedrag geconfronteerd. En dat seksisme neemt diverse vormen aan. Naast ‘vijandig’ (ofwel expliciet seksistisch, wat vaker voorkomt op sociale media) seksisme komt de ‘welwillende’ variant (waarbij verwezen wordt naar het geslacht van de vrouwen in plaats van naar de inhoud van hun bericht) ook offline voor. En als kandidates jong zijn of tot een minderheid behoren, krijgen zij het dubbel zo hard te verduren. Deze vrouwen zijn nog meer het doelwit van aanvallen en worden vaker ongelijk behandeld.

Al deze vormen van seksisme zorgen ervoor dat vrouwelijke politici aan zelfcensuur doen: ze beperken hun interacties, ze ontwikkelen strategieën om zichzelf minder een doelwit voor seksisme te maken ... Met alle mogelijke gevolgen van dien voor hun mentaal welzijn en privéleven. Uiteindelijk heeft dit een negatieve impact op de politieke ambities van potentiële kandidates.

“Het seksisme is systemisch. Het omgaan met de gevolgen ervan mag dus niet overgelaten worden aan individuen”, aldus het IGVM. De oplossing is sensibilisering. Het IGVM pleit dan ook voor de responsabilisering van de politieke partijen, overheidsdiensten en media. Het reikt daarvoor een aantal maatregelen aan: binnen de politieke partijen een mentorsysteem ontwikkelen zodat nieuwe vrouwelijke kandidaten begeleid worden door meer ervaren collega's, praatnetwerken opzetten om vrouwelijke kandidaten uit hun isolement te halen, infosessies over seksisme organiseren voor nieuwe kandidaten, in de verschillende partijen een charter met concrete acties opstellen om seksisme te voorkomen en aan te pakken, maar ook binnen de politieke partijen, mediagroepen en politieke instellingen contactpersonen aanduiden om slachtoffers van seksisme te ondersteunen bij de stappen die ze willen ondernemen.

Het IGVM gaat er prat op dat dit onderzoek een belangrijke stap is naar de objectivering van seksistische praktijken tijdens verkiezingscampagnes in België. Het instituut roept dan ook op tot verder onderzoek om nog meer inzicht te krijgen in het fenomeen op lange termijn. 

Bron