De Brusselse gemeenten vrezen voor een ongeziene financiële schok. Volgens ramingen van Brulocalis, de vereniging van de Brusselse gemeenten en OCMW’s, kunnen beslissingen die op verschillende bestuursniveaus genomen worden, leiden tot 1,718 miljard euro aan bijkomende lasten tussen 2025 en 2029. Van dat bedrag zou slechts 26,7% gecompenseerd worden, waardoor 1,258 miljard euro ten laste van de Brusselse gemeenten blijft.
De lokale besturen hebben de gevolgen van de opeenvolgende crisissen moeten opvangen en worden nu geconfronteerd met aanzienlijke lastenverschuivingen die door hogere bestuursniveaus opgelegd worden, vaak zonder enig overleg en zonder voldoende compensatie.
Brulocalis en de Conferentie van Burgemeesters roepen dan ook op tot een dringende en grondige herziening van het evenwicht tussen de verschillende bestuursniveaus.
De lastenverschuivingen van Arizona
De uitvoering van het federaal regeerakkoord van 31 januari 2025 zorgt voor enorme lastenverschuivingen in vier belangrijke domeinen: politie, armoede, pensioenen en de belastinghervorming, die de inkomsten van de gemeenten dreigt aan te tasten.
De geplande federale compensaties voor de Belgische lokale besturen om de impact en de werkloosheidshervorming te dragen, blijken echter ruim onvoldoende. Bovendien stelt het Rekenhof in zijn begrotingsrapport 2026 de berekeningswijze van deze compensaties voor de werkloosheidshervorming in vraag. De Federatie van Brusselse OCMW’s, vertegenwoordigd door voorzitter Sébastien Lepoivre, slaat alarm over deze zeer problematische situatie voor de lokale financiën en voor de ondersteuning van de meest kwetsbare burgers bij de OCMW’s.
Hoewel de federale overheid haar bijdrage verhoogd heeft (30% in plaats van 10% van de financiering van de tweede pijler), is er nog altijd veel onzekerheid over hoe de pensioenkosten van de lokale ambtenaren gefinancierd zullen worden.
In het kader van het onderdeel ‘politie’ werkt de regering verder aan de verplichte fusie van de Brusselse politiezones, hoewel aangetoond is dat deze hervorming geen schaalvoordelen zal opleveren. Daarnaast zullen de maatregelen om het politieambt aantrekkelijker te maken ook extra kosten met zich meebrengen voor de gemeenten. De broodnodige herfinanciering van de lokale politie (door de herziening van de KUL-norm), zoals beloofd door de minister, blijft daarentegen voorlopig uit. We nemen nota van het engagement dat de minister in dat kader aangegaan is.
Wat de belastinghervorming betreft, die vanaf 2029 effect zal hebben, dreigen de gemeenten 17 miljoen euro aan inkomsten te verliezen.
De gemeenten zouden dus ongeveer 75% van de kosten, goed voor 1,258 miljard euro, zelf moeten opvangen gedurende een periode van vijf jaar! Volgens de ramingen van Brulocalis zou de totale impact van de federale maatregelen tussen 2025 en 2029 kunnen oplopen tot 1,718 miljard euro, ofwel meer dan 340 miljoen euro per jaar, en zouden de aangekondigde compensaties maar zo’n 26,7% van de behoeften van de Brusselse gemeenten dekken.
Maar er worden nog meer federale lastenverschuivingen verwacht: zowel naar de OCMW’s (afschaffing van het Fonds voor Sociale Activering en van het Koudeplan en onzekerheden over verschillende projecten zoals Housing First voor daklozen en MIRIAM voor alleenstaande moeders) als naar de gemeenten (kosten voor de aankoop van de nieuwe politie-uniformen voor de Brusselse politiezones voor 7,2 miljoen euro, een vermindering met 25% van de middelen voor ontwikkelingssamenwerking en het uitblijven van een actualisering van de kadastrale gegevens, ofwel een jaarlijks inkomstenverlies van 130 à 180 miljoen euro).
De impact van deze beslissingen is groter voor de Brusselse gemeenten dan voor de gemeenten in de andere gewesten. Dat heeft te maken met het specifieke sociale profiel van de Brusselse gemeenten, de rol van Brussel als gewestelijke, nationale, Europese en internationale hoofdstad, en het feit dat de Vlaamse gemeenten meer financiële steun krijgen van hun gewest.
Beslissingen op alle bestuursniveaus
De Brusselse gemeenten moeten ook rekening houden met beslissingen die op andere bestuursniveaus genomen worden.
De besparingsmaatregelen van de Federatie Wallonië-Brussel zullen extra druk leggen op de gemeentebegrotingen, met name op het vlak van kinderopvang en onderwijs.
Verder zijn de gemeenten blij dat er een nieuwe Brusselse regering gevormd is, maar zij maken zich zorgen over de bronnen van de aangekondigde besparing van één miljard euro tegen 2029. Tijdens de vorige gewestelijke bestuursperiode kregen de gemeenten al te maken met verschillende lastenverschuivingen. Denk aan de verwachte herwaardering van de algemene dotatie aan de gemeenten (ADG), waardoor zij 40 miljoen euro misgelopen zijn, zoals de vorige minister voor Plaatselijke Besturen ook erkend heeft.
Volgens Brulocalis zou de 1,258 miljard euro aan lasten die de gemeenten moeten dragen nog een onderschatting kunnen zijn. De Brusselse burgemeesters spreken dan ook unaniem van een ongeziene financiële schok die de komenden jaren nog groter dreigt te worden.
De gemeenten staan langs alle kanten onder druk en vragen om een paradigmaverschuiving
2025 was een kantelpunt voor de financiële situatie van de Brusselse gemeenten. In 2026 maakt de geleidelijke uitvoering van de beslissingen van de nieuwe regeringen het moeilijk, zo niet onmogelijk, om een begroting op te maken (ter herinnering: de gemeente is het enige bestuursniveau dat wettelijk verplicht is om een begroting in evenwicht te hebben). Ondanks een verantwoord financieel beheer worden de gemeenten daardoor gedwongen om pijnlijke keuzes te maken, omdat zij niet langer over financiële reserves en voldoende hefbomen beschikken om hun opdrachten te vervullen. “De lokale besturen staan hun burgers in elke fase van het leven bij en laten niemand aan de kant staan. Maar de voorbije jaren staan zij onder een onhoudbare financiële druk”, aldus Christian Lamouline, voorzitter van Brulocalis.
Brulocalis en de Conferentie van Burgemeesters roepen op tot een grondige herziening van het evenwicht, met respect voor de principes van het Europees Handvest inzake Lokale Autonomie. Ze eisen de invoering van een bindend kader dat systematisch overleg met de gemeenten en OCMW’s garandeert wanneer andere bestuursniveaus nieuwe beslissingen voorbereiden. Zo moet vooraf nagegaan worden welke financiële gevolgen de beslissingen hebben op het vlak van personele en administratieve middelen, en moeten compensatiemaatregelen voorzien worden wanneer er een impact vastgesteld is.
De gemeenten mogen niet langer als pasmunt dienen voor de besparingen van de federale regering. Het principe moet duidelijk zijn: de beslisser betaalt. Het is hoog tijd om een echte structurele dialoog op te zetten tussen de lokale besturen, het Gewest en de federale overheid!
aldus Sophie de Vos, burgemeester van Oudergem en voorzitter van de Conferentie van Burgemeesters, die de negentien Brusselse burgemeesters vertegenwoordigt.