De commissie Mobiliteit, Overheidsbedrijven en Federale Instellingen van de Kamer van Volksvertegenwoordigers is begonnen met het bestuderen van het voorstel van resolutie houdende de oprichting van een centrale databank voor het bijhouden van cijfergegevens over verkeerscontroles in lokale politiezones .

1. Voorwerp

1. Vraag van de Commissie Binnenlandse Betrekkingen

De commissie Mobiliteit, Overheidsbedrijven en Federale Instellingen van de Kamer van Volksvertegenwoordigers is begonnen met het bestuderen van het voorstel van resolutie houdende de oprichting van een centrale databank voor het bijhouden van cijfergegevens over verkeerscontroles in lokale politiezones[1].

Aan Brulocalis werd gevraagd om een schriftelijk advies over deze tekst in te dienen.

In deze nota analyseren we het voorstel.

2. Samenvatting van het voorstel van de auteurs

De databank waarover de auteurs spreken, streeft drie doelstellingen na:

  • Transparantie en rechtvaardiging om meer inzicht te krijgen in het verkeersveiligheidsbeleid
  • Effectiviteit en efficiëntie van wegcontroles
  • Evaluatie van de maatregelen inzake verkeersveiligheid

2. Analyse

1. Regeerakkoord

De regering “spreekt zich uit voor het streng aanpakken van verkeerscriminelen. Hierbij richten we ons op de recidivisten van zware feiten, en niet op de brave burger die eens net boven de snelheidslimiet zit. We zorgen daarom voor legitieme handhaving waarbij datagericht aandacht besteed zal worden aan de risicoplaatsen en -tijdsvorken om valkuilen en willekeur te voorkomen.”

De focus ligt op de gedragsverandering. We zorgen voor een versterking van het centrale dataregister om veelplegers beter te identificeren voor overtredingen van de 3de en 4de graad, snelheidsovertredingen boven de 20 km per uur, onverzekerd rondrijden, rijden onder invloed, rijden zonder rijbewijs, gebruik van elektronische apparatuur achter het stuur, en andere verkeersmisdrijven. We zorgen ervoor dat alle overtredingen onder GAS-5 ook in deze databank worden opgenomen. De Mercurius-databank wordt op punt gesteld. De informatie van deze databanken zal in real-time beschikbaar zijn voor de politie en justitie.”

Op basis van de veelplegersdatabank zullen verkeersovertreders automatisch voor een politierechtbank gedagvaard worden wanneer ze binnen een termijn van de laatste 3 jaar te veel overtredingen begaan hebben.”

Brulocalis stelt vast dat dit voorstel van resolutie de beleidsverklaring van de regering ondersteunt en aanvult.

In haar analyse van het regeerakkoord van 24 maart 2025 :
 

  • Steunt Brulocalis de regering om het Crossborder-systeem te versterken, overtredingen van de derde en vierde graad beter op te volgen en de strijd tegen recidive op te voeren. Het project om overtredingen onder GAS-5 in de Mercurius-databank op te nemen, is ook een grote stap vooruit.
     
  • Vindt Brulocalis echter dat de geïnde bedragen op het gebied van verkeersveiligheid eerlijk verdeeld moeten worden over de verschillende bestuursniveaus, en dat het lokale niveau en de politiezones er zeker van moeten zijn dat ze de nodige middelen krijgen om hun maatregelen voor verkeersveiligheid goed te kunnen uitvoeren, vooral wat infrastructuur en preventie betreft.
     
  • Herinnert Brulocalis eraan dat de Brusselse gemeenten zich er via hun gemeentelijk actieplan voor verkeersveiligheid toe verbonden hebben om de verkeersveiligheid in hun gemeente te verbeteren en om efficiënt samen te werken in het kader van de visie ‘All for zero’. Dat de regering enerzijds instrumenten als Crossborder en de opvolging van overtredingen van de derde en vierde graad wil versterken en anderzijds recidive wil tegengaan, steunt de gemeenten in hun inspanningen.

2. Andere aandachtspunten

  1. AVG
    De tekst gaat niet duidelijk genoeg in op de gevolgen op het vlak van gegevensbescherming. Dit kan een probleem zijn aangezien er gevoelige gegevens verzameld worden.
     
  2. Technische haalbaarheid
    Elementen die ontbreken, zijn een kostenraming voor de implementatie van de databank en een evaluatie van de technische haalbaarheid (links tussen de verschillende actoren). Wie zal het systeem ontwikkelen? En met welke middelen?
     
  3. Medewerking van de lokale actoren
    Het voorstel gaat ervan uit dat de lokale politiezones vrijwillig zullen samenwerken, maar specificeert niet hoe die medewerking gegarandeerd wordt.

    Brulocalis dringt erop aan dat de lokale besturen (gemeenten en politiezones) waar nodig betrokken bij de uitrol van dit instrument en dat er met hen overleg gepleegd wordt.
     
  4. Continuïteit en actualisering
    De tekst zou bepalingen kunnen bevatten voor het onderhoud en de constante bijwerking van de databank, alsook voor de evaluatie van het nut van de databank op middellange/lange termijn.

3. Financiering van het project

Brulocalis wijst de commissieleden op de financiering van het project.

Hierover worden geen details verstrekt.

Als de oprichting van de databank door het federale niveau beslist en uitgevoerd wordt, mag dit in geen geval leiden tot een verschuiving van de werklast naar de gemeenten en politiezones.

Voor Brulocalis is het de taak van de beslissende overheid om de financiële last volledig op zich te nemen.


3. Voorstel

Aan het Bureau wordt voorgesteld om:

  • Dit advies te bezorgen aan de commissie Mobiliteit, Overheidsbedrijven en Federale Instellingen van de Kamer van Volksvertegenwoordigers en aan de Conferentie van burgemeesters.

[1]Voorstel van resolutie betreffende een evaluatie van de delinquentie en de criminaliteit in en rond de grote stations van het land en betreffende een gecoördineerd actieplan en concrete veiligheidsmaatregelen voor die stations, ingediend door de heer Denis Ducarme c.s., Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers, DOC 56 0758/001.